wachten...

Succes

→ Winkelwagen bijgewerkt

Info

→ Winkelwagen bijgewerkt

Succes

E-mail verzonden!

Fout

E-mail niet verzonden!

Fout

Artikel niet meer op voorraad!

Fout

Succes

Succes

Fout

Blootstelling

Stoffen die gevaarlijk zijn voor de gezondheid kunnen hun werking op verschillende manieren uitoefenen: via de ademhaling, via de huid of door inslikken. Het hangt af van de stof en de manier van werken welke soort blootstelling onze aandacht verdient.

Werking via de ademhaling

Met de ingeademde lucht kunnen gassen en dampen van bijvoorbeeld vluchtige oplosmiddelen via de longen in het lichaam worden opgenomen, maar ook fijn verdeelde vaste en vloeibare deeltjes (stof, rook en nevel). Sommige stoffen worden gedeeltelijk weggevangen in de hogere luchtwegen (keel, neus, luchtpijp). Andere dringen diep door tot in de longen en kunnen daar bijvoorbeeld 'stoflong' of longoedeem (vochtophoping in de longen) veroorzaken. Bovendien kunnen deze stoffen via de longen in het bloed worden opgenomen en in het lichaam worden verspreid.

Werking via de huid

Hoewel de onbeschadigde huid enige bescherming biedt tegen gevaarlijke stoffen kunnen verschillende stoffen de huid aantasten of via de huid worden opgenomen in het lichaam. Veel oplosmiddelen bijvoorbeeld kunnen door de huid heendringen.

Werking door inslikken:

Stoffen kunnen ook in het lichaam terecht komen na inslikken. Bijvoorbeeld als stoffen bij vergissing worden ingeslikt of als stoffen door verontreinigde handen bij eten of roken worden opgenomen.

Grenswaarden

Hoe hoog mag de concentratie van een stof in de lucht zijn? In Nederland gelden voor een aantal zeer schadelijke stoffen wettelijke grenswaarden. Dit geldt o.a. voor kankerverwekkende en allergene stoffen.

Er zijn drie soorten grenswaarden: grenswaarden die gemiddeld over een achturige werkdag niet mogen worden overschreden; grenswaarden voor kortdurende 'piek' blootstelling; deze gelden voor perioden van 15 minuten;

grenswaarden die een 'absolute bovengrens' zijn, en zelfs geen seconde mogen worden overschreden (zgn. 'Ceiling' grenswaarden, aangegeven met een C).

De geldende wettelijke grenswaarden zijn te vinden op de website van de SER. De lijst wordt regelmatig herzien: www.ser.nl.


Producten en stoffen

In gangbare bouwproducten zitten dikwijls gevaarlijke stoffen. Een aantal voorbeelden op een rij.

Producten en stoffen in de bouw


Product

Kan ondermeer de volgende stoffen bevatten

Verf

oplosmiddelen (terpentine, glycolethers; soms tolueen, xyleen), lood- en chroomverbindingen

Lijm

styreen, acrylaat, amines, formaldehyde, epoxyhars, isocyanaten, oplosmiddelen

Kunstharsvloeren

epoxy's, polyurethaan, isocyanaten, acrylaten

Isolatiemateriaal

minerale vezels, MMMF, isocyanaten (in PUR-schuim)

Houtconserveermiddel

creosoot, koper-chroomzouten, boorzuur

Ontkistingsmiddel

minerale olie, oplosmiddelen

Tegellijm, metselspecie e.d.

Portlandcement

PISA

Uitgebreide informatie over de samenstelling en de risico's gevaren van veel voorkomende bouwproducten geeft PISA: Productgroep Informatie Systeem Arbouw. Daarin treft u per productgroep ook adviezen voor veilig werken, opslag en opruiming.

Meer weten over PISA? Bel met de Infolijn van Stichting Arbouw, Tel. 0341 466222, of download PISA gratis: www.arbouw.nl/werknemer/tools/pisa/

Voor titelgegevens: zie 'Lees- en surftips' verderop in deze Arbowijzer.

Als je gezond wilt werken, let je op je lijf. Vooral als bij het werk stoffen worden gebruikt die gevaarlijk zijn voor de gezondheid. Sommige stoffen waarschuwen ons omdat ze een bepaalde geur hebben of stinken. Dat zegt trouwens niets over de gevaren. Een lekker ruikende stof is niet ongevaarlijker dan een stinkende stof. Bovendien verschilt de concentratie waarbij een stof wordt geroken sterk per stof, en wen je meestal al snel aan een geur. We moeten dus nooit op onze neus vertrouwen al was het maar omdat niet iedereen even goed ruikt en een stevige verkoudheid de betrouwbaarheid van onze neus verlaagt. En: sommige stoffen ruik je helemaal niet.

Er zijn ook stoffen die irriterend inwerken op onze slijmvliezen of op de huid. Ook dat is als het ware een waarschuwing vooraf. De volgende verschijnselen zijn een signaal dat er iets niet deugt: hoofdpijn; rode of geïrriteerde ogen; hoesten; droge of rode huid.

Wat zegt de wet?

Er zijn verschillende wetten van toepassing op het werken met gevaarlijke stoffen. Voor de dagelijkse praktijk vallen deze uiteen in twee categorieën. De eerste is de Europese stoffenwetgeving REACH en de daarop gebaseerde uitvoeringsbesluiten die zich richten op fabrikanten, leveranciers en gebruikers van gevaarlijke stoffen. De tweede categorie is te vinden in de Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) en het bijbehorende Arbeidsomstandighedenbesluit (Arbobesluit). Deze wetgeving richt zich op werkgevers en werknemers en omvat ook allerlei voorschriften voor de inrichting van werkplekken.

REACH

Een fabrikant, leverancier of importeur van een gevaarlijke stof, die onder de etiketteringsplicht valt, is verplicht om bij de eerste aflevering gratis een veiligheidsinformatieblad ('material safety data sheet'; MSDS) te verstrekken. Dit blad moet in ieder geval de volgende informatie bevatten:

1Identificatie van de stof en de leverancier

2Samenstelling en informatie over bestanddelen

3Gevaren

4Eerste-hulp maatregelen

5Brandbestrijdingsmaatregelen

6Maatregelen bij onbedoeld vrijkomen

7Gebruik en opslag

8Blootstellingsbeperking en persoonlijke bescherming

9Fysische en chemische eigenschappen

10Stabiliteit en reactiviteit

11Toxicologische gegevens

12Ecologische gegevens

13Informatie over afvalverwerking

14Informatie over vervoer

15Wettelijk verplichte informatie (ook weergegeven op het etiket) 16 overige informatie

Arbowet

Voorschriften voor werkgevers en werknemers zijn te vinden in de Arbowet en het Arbobesluit. Voor een groot gedeelte betreft het algemene artikelen die niet specifiek betrekking hebben op gevaarlijke stoffen. Toch is een aantal daarvan relevant voor het werken met die stoffen. De algemene voorschriften in de Arbowetgeving spreken meestal van 'gevaren', zonder dat de bron van de gevaren wordt gespecificeerd. Dat wil zeggen dat deze voorschriften ook gelden voor de risico's van gevaarlijke stoffen. Bekende voorbeelden zijn de verplichting van de werkgever om te beschikken over een schriftelijke risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) en de verplichting om voorlichting en onderricht voor de werknemers te verzorgen. Hierbij zullen ook de risico's van het werken met gevaarlijke stoffen aan de orde moeten komen.

Naast deze algemene voorschriften bevat met name het Arbobesluit ook voorschriften die specifiek betrekking hebben op gevaarlijke stoffen. Zo geldt een algemene registratieplicht: van gevaarlijke stoffen moeten de identiteit, de gevaren en de afdeling(en) waar de stof aanwezig is, worden geregistreerd in de RI&E.

Voor kankerverwekkende en reprotoxische (voor de voortplanting schadelijke) stoffen geldt een aanvulling op deze algemene registratieverplichting. Het betreft het vastleggen van onder andere de hoeveelheid stof, de reden van gebruik, het soort werk en de getroffen maatregelen om blootstelling te beperken.

Daarnaast zijn er regels voor specifieke stoffen. Het betreft ondermeer benzeen, tetrachloorkoolstof en diverse aromatische amines en gechloreerde koolwaterstoffen.

meldpunt.png

Tips & trucs voor gezonde stoffen

Hoe kan de gebruiker van gevaarlijke stoffen veiliger, gezonder en prettiger werken? Hieronder vind je een aantal algemene tips & trucs voor verbeteringen op een rij. Voor meer (nóg) praktischer oplossingen verwijzen we naar de Arbowijzers over specifieke stoffen en producten (zie Leestips). Oplossingen die de bron van het probleem aanpakken, hebben altijd de voorkeur (zie kader). De Arbowet schrijft dat trouwens ook voor. Bij bronoplossing gaat het erom te voorkomen dat de gevaarlijke stoffen worden gebruikt of kunnen vrijkomen. Als bronoplossingen niet kunnen, zijn vaak andere verbeteringen voor handen. Deze beperken de blootstelling en komen neer op het voorkomen dat de stoffen zich verspreiden door bijvoorbeeld afzuiging. Pas in laatste instantie komen de persoonlijke beschermingsmiddelen uit de kast. Niet alle oplossingen zijn één, twee, drie op bedrijfsniveau in te voeren.

meldpunt 2.png

1.Bronoplossing

Ga na of gevaarlijke stoffen wel nodig zijn. Bekleding op trappen bijvoorbeeld kan worden geniet en plinten geschroefd in plaats van gelijmd.

Vervang stoffen zo mogelijk door minder schadelijke alternatieven, zoals:

-Een geheel andere stof (b.v. MS Polymeerlijm i.p.v. Polyurethaanlijm);

-Producten met een lager gehalte schadelijke stoffen (b.v. highsolids verven i.p.v. oplosmiddelrijke verven);

-Producten in een andere vorm: b.v. pasta's i.p.v. vloeistoffen (verfafbijt, gevelreinigers), of granulaten of vloeistoffen i.p.v. stuivende poeders.

Kies zo mogelijk een product zonder gevaarsymbool; kies zo nodig een product met een Andreaskruis, probeer producten met een doodshoofd altijd te vermijden.

Gebruik stoffen en producten in een veilige verpakking, b.v. 'combinatieverpakkingen' voor 2-component producten, waarmee de componenten in de verpakking gemengd worden, of verpakkingen met veilige doseerhulpen, klein verpakkingen i.p.v. grote vaten. Maak zo mogelijk gebruik van machines of installaties waar de gevaarlijke stoffen niet uit vrijkomen (gesloten systemen). Ga voordat gevaarlijke stoffen worden besteld na of de nodige voorzieningen (opslagmogelijkheden, hulpmiddelen, ventilatie- voorzieningen) aanwezig zijn om veilig met de stof te werken.

Ga bij ontvangst van de stof na of het juiste product is geleverd.

Lees het etiket zorgvuldig. Controleer de verpakking op gebreken. Schat van tevoren de risico's van het werken met de stoffen en neem zo nodig extra voorzorgsmaatregelen (zoals geen open vuur). Open de verpakking zorgvuldig, zonodig in een goed geventileerde ruimte. Werk rustig en beheerst. Een goede werkhygiëne voorkomt mogelijk contact met huid, ogen en ademhalingsorganen. Hou bij de aankoop van nieuwe machines en gereedschappen rekening met de gevaarlijke stoffen die ze produceren. Bevorder de inkoop van stoffen en producten die al zijn voorbewerkt of opgelost.

Vervang bewerkingen waarbij veel stof vrijkomt door minder stofproducerende bewerkingen (b.v. gipsblokken knippen i.p.v. zagen) Gebruik scherp en geen bot gereedschap, dan komt er bij het bewerken minder stofvrij.

2. Beperking blootstelling

Maak zo veel mogelijk gebruik van ventilatie of van afzuiging. Maak gebruik van afzuiging zo dicht mogelijk bij de plaats waar gevaarlijke stoffen vrijkomen. Bronafzuiging is veel effectiever dan ruimteventilatie.

Zorg voor regelmatig onderhoud van de afzuiginstallaties.

Maak bij buitenwerk zo veel mogelijk gebruik van natuurlijke ventilatie (wind). Plaats aggregaten zo ver mogelijk van de werkplek (benedenwinds), en zorg voor ventilatie-openingen wanneer gevels zijn afgeschermd.

Sluit na gebruik de verpakking zo goed mogelijk af. Reinig eventueel verontreinigde gereedschappen en hulpmiddelen. Let op dat de verpakking goed is geëtiketteerd voordat deze wordt opgeslagen.

Gebruik (indien van toepassing) de dosering die op de verpakking staat. Voeg niet zelf extra product toe. Voeg niet zelf extra hulpstoffen toe aan producten (b.v. siccatief aan verven). Let extra op wanneer producten verneveld (verspoten) moeten worden. Dit geeft extra kans op inademing en huidcontact. Als met rollers, borstels of trekkers wordt gewerkt: gebruik materialen met een lange steel. Er bestaan ook rollers met een 'spatscherm', dat voorkomt dat kleine spatjes op de huid komen.

Behandel afvalstoffen zo zorgvuldig mogelijk.

Roep bij een ongeval met gevaarlijke stoffen de hulp van deskundigen (veiligheidskundige, arts) in en geef adequate informatie (soort stof, hoeveelheid). Verlaat zo nodig de werkplek.

Zorg zoveel mogelijk voor een scheiding van plaatsen waar gevaarlijke stoffen vrijkomen van andere afdelingen en werkplekken. Eet, drink of rook niet tijdens het werken met gevaarlijke stoffen. Bewaar geen etenswaren in de werkruimte en zeker niet in de nabijheid van gevaarlijke stoffen.

3. Persoonlijke bescherming

Pas zo nodig persoonlijke beschermingsmiddelen toe. Kijk hiervoor in het Veiligheidsinformatieblad, of vraag de leverancier of deze geschikt zijn voor de gewenste toepassing.

-ogen (brillen)

-ademhalingswegen (maskers)

-gezicht (gelaatsmasker)

-handen (handschoenen)

-lichaam (beschermende kleding)

Gebruik geen leren of stoffen werkhandschoenen als je met gevaarlijke stoffen werkt, en ook geen latex handschoenen. Latex handschoenen kunnen allergieën veroorzaken.

Nitrilrubber of neopreen handschoenen beschermen tegen veel soorten chemische stoffen.

Vervang beschermende handschoenen regelmatig - minimaal dagelijks - en was zo vaak als nodig de handen.

Trek nooit handschoenen aan over vuile of vochtige handen; dit kan de huidklachten (eczeem) veroorzaken. Gebruik daarom ook nooit handschoenen die aan de binnenkant verontreinigd zijn.

Was de handen voor pauzes en na het werk.

Reinig werkkleding regelmatig.

Ademhalingsbescherming is nodig als blootstelling aan bepaalde stoffen onvermijdelijk is.

Het kiezen van het juiste ademhalingsbeschermingsmiddel is lastiger dan het kiezen van andere beschermingsmiddelen. Overleg daarom zo nodig met de leverancier of de veiligheidsfunctionaris. Stoffilters bestaan in drie typen: P1, P2 en P3. P1-stoffilters bieden alleen bescherming tegen onschadelijk stof (grenswaarde 10 mg/m3), P2-filters beschermen tegen stof met een grenswaarde tussen 0,1 en 10 mg/m3. P3-filter zijn nodig voor stof met een grenswaarde kleiner dan 0,1 mg/m3.

Stoffilters beschermen niet tegen schadelijke gassen of dampen; daarvoor zijn speciale filtermaskers nodig. Voor oplosmiddelen zijn de A-filters geschikt.

Rook niet tijdens het werken met gevaarlijke stoffen. Met het inhaleren kun je de stoffen inademen. Door met smerige handen shag te draaien krijg je ook ongewenste stoffen binnen.

meldpunt 3.png

Gevaarscategorieën van giftige stoffen volgens REACH – huidige symbolen

Symbool

E-Ontplofbaar.pngE Ontplofbaar Stoffen die door een vonk of een vlam, door warmte of hitte, bij stoten of bij wrijving kunnen ontploffen.

O-Oxiderend.pngO Oxiderend Stoffen die zeer makkelijk reageren met andere stoffen. Daardoor kan brand ontstaan. Bijvoorbeeld in aanwezigheid van (licht) ontvlambare stoffen.

F-Zeerlicht.pngF+Zeer licht ontvlambaar Stoffen die zeer makkelijk kunnen ontbranden door een ontstekingsbron (vlam of vonk) en zeer vluchtig zijn. FLicht ontvlambaar Stoffen die bij temperaturen beneden 21 oC makkelijk ontbranden door vlam, vonken of warmtebron (heet oppervlak).

T-Zeergiftig.pngT+Zeer vergiftig Stoffen die door inademen, inslikken of huidcontact (met zeer geringe hoeveelheden van de stof) zeer ernstige kort- of langdurige schade aan de gezondheid kunnen veroorzaken. De schade kan direct of pas na langere tijd optreden. Tevens stoffen die kanker kunnen veroorzaken, het erfelijk materiaal kunnen beschadigen of schadelijk zijn voor de vruchtbaarheid of het ongeboren kind.

vergiftig.pngVergiftig De gevaren van vergiftige stoffen zijn dezelfde als die van 'zeer vergiftige stoffen', maar de vergiftiging treedt pas op bij inademing of contact met grotere hoeveelheden van de stof.

X-schadelijk.pngXn Schadelijk De gevaren van schadelijke stoffen zijn dezelfde als van (zeer) vergiftige stoffen. Vergiftiging of schade treedt op bij inademing of contact met (iets) grotere hoeveelheden van de stof.

C-Corrosief.pngC Corrosief (bijtend) Bijtende stoffen kunnen bij aanraking weefsel (huid bijvoorbeeld) en apparatuur vernietigen.

X-irriterend.pngXiIrriterend Stoffen die door directe, langdurige of herhaalde aanraking met de huid of de slijmvliezen ontsteking veroorzaken. Oogbeschadigingen. Tevens stoffen die bij inademing of huidcontact een allergische reactie (oergevoeligheid) kunnen veroorzaken, zgn. 'sensibiliserende' stoffen.

N-gevaarlijk.pngN Gevaarlijk voor het milieu Stoffen die gevaarlijk zijn voor lucht, water,bodem,planten en/of dieren.

De nieuwe symbolen uit het GHS (Globally Harmonised System)


Gevaar.pngGevaar Stoffen en mengsels met ernstige lange-termijn gezondheidsgevaren, zoals kankerverwekkend, schadelijk voor het erfelijk materiaal (mutageen) en/of vergiftig voor de voortplanting. Verder o.m. voor stoffen en mengsels die overgevoeligheid (allergie) kunnen veroorzaken bij inademing, en die longschade kunnen veroorzaken bij verslikken.

Waarschuwing.pngWaarschuwing Schadelijk: o.a. huidirritatie, luchtwegirritatie, overgevoeligheid (allergie) via de huid, narcotische werking (oplosmiddelen), overige effecten indien die niet zo ernstig zijn dat een doodskop-symbool nodig is.

Deegrol.pngBron: Arbowijzer/ Werken met gevaarlijke stoffen/Vlammen en doodshoofden /10203-16